Toen ik voor het eerst Wiener Schnitzel proefde, viel meteen op hoe groot en goudbruin het gerecht eruitzag. De krokante korst zag er heel appetijtelijk uit en rook vers gebakken. Het maakte meteen indruk toen het op tafel werd gezet.
Bij de eerste hap hoorde ik direct het knapperige laagje van het paneermeel. De buitenkant was krokant, terwijl het vlees vanbinnen zacht en sappig bleef. Die combinatie maakte het gerecht heel lekker en zorgde ervoor dat elke hap een goede balans had tussen krokant en mals.
Wat ik ook lekker vond, was dat de smaak eigenlijk vrij eenvoudig is, maar juist daardoor goed werkt. De citroen die erbij werd geserveerd gaf een frisse smaak aan het vlees en maakte het minder zwaar. Samen met aardappelen of frietjes voelde het als een stevig maar comfortabel gerecht.


Geef een reactie